Headlines

Puck Veenendaal: ‘Ik moest opletten dat ik niet naar het verkeerde team passte’

Door op mei 15, 2019

Wie is Puck Veenendaal?

Ik ben 18 jaar en woon in Enschede. Ik studeer Facility Management in Deventer en ik zit nu in mijn eerste jaar. Als ik niet aan het studeren ben, ben ik vaak te vinden in het zwembad of op het werk.

Wat vind je nou zo leuk aan waterpolo?

Je bent eigenlijk nooit ‘uitgegroeid’: er zijn altijd wel nieuwe dingen die je kan leren. Het gevoel van voldoening dat je krijgt als je een van de nieuwe dingen toepast, is erg motiverend. Waterpolo is ook een echte teamsport, dit vind ik ook erg leuk. Zoals mijn trainer Erik Nijssink dit seizoen vaak heeft gezegd: je werkt met en voor elkaar.

Wat is je favoriete positie?

Ik lig het liefst op positie 4 of 5. Beide posities zijn aan de linkerkant.

Wat voor soort waterpoloër ben je? Hoe kun jij je als waterpoloër onderscheiden met andere spelers/speelsters?

Ik ben zelf niet echt van het fysieke spel, al is dit wel iets wat veel voorkomt in onze competitie. Om goed mee te kunnen komen, probeer ik slim te spelen. Wie niet sterk is, moet slim zijn. Dit kan bijvoorbeeld door goed naar de 30 seconden-klok te kijken: door op het juiste moment weg te zwemmen, hoef je het duel vaak niet aan te gaan en heb je toch een stukje voorsprong.

Hoe ik me kan onderscheiden van andere speelster? Onder andere door mijn manier van scoren: met een lobje. Veel speelsters in onze competitie schieten vrij hard als ze op doel schieten. Ik vaak niet. Ik probeer de bal met een boogje rustig over de keepster heen te schieten. Dit zorgt soms voor een leuk effect: de bal is soms eventjes onderweg, dus het ziet er erg leuk uit om alle gezichten naar de bal te zien kijken om hem vervolgens net achter de keepster te zien vallen.

Hoe lang doe je al aan waterpolo? Altijd al bij EZC?

Dit seizoen was mijn negende seizoen als waterpoloër. Ik ben toen ik negen was begonnen met spelen bij EZC en ik ben sindsdien niet meer weggegaan.

Hoe ben je erbij gekomen om te gaan waterpoloën?

Het is eigenlijk begonnen bij mijn zus, Teuntje. Zij had zwemles van een van de toenmalige heren 1-spelers. Doordat zij uiteindelijk is gaan waterpoloën, begon ik het ook leuk te vinden, eerst als klein meisje aan de kant en daarna ook in het water.

Hoe leeft de sport waterpolo in je familie en omgeving?

Mijn zus heeft ook vrij lange tijd waterpolo gespeeld, dus in het gezin gaat het vaak over waterpolo. In de familie leeft het ook best erg: onze oudoom, opa’s en oma’s zijn vaak op de tribune terug te vinden.

Wat betekent waterpolo voor jou?

Waterpolo is voor mij een heerlijke uitlaatklep. Hoe je je ook voelt, je kunt altijd je gevoel en energie kwijt. Omdat ik eigenlijk niks anders gewend ben dan waterpolo, vind ik het ook best lastig om me voor te stellen hoe het zou zijn zonder waterpolo. Na de laatste wedstrijden en trainingen voelt het in de zomer soms dan ook echt als ‘afkicken’.

Dit seizoen kwam je zowel voor EZC 1 als EZC 2 in actie, ondanks dat ze in dezelfde competitie uitkomen. Wat vond je hiervan?

In het begin voelde het erg raar, maar dat gevoel ging langzamerhand wel weg. Dames 1 speelde het ene weekend tegen een club en dames 2 het weekend erna. Dit was nog best handig, omdat ik vaak al wist hoe de tegenstander zou spelen.

Met welk team speel je dan mee als ze tegen elkaar spelen? Heb je een voorkeur?

Dit seizoen heb ik beide wedstrijden met dames 1 meegespeeld. Het voelde vooral tijdens de wedstrijden erg gek om tegen je andere teamgenoten te spelen. Ik moest ook erg oppassen dat ik de bal niet naar het verkeerde team passte.

De teams spelen best anders. Zo heeft het eerste meer systemen, waardoor er voor ons meer rust in het water is. Het tweede heeft vaak creatieve ‘oplossingen’ voor bepaalde situatie die soms voor lekker veel chaos zorgen in het water. Of ik een voorkeur heb? Ja, toch wel. Ik houd zelf van wat meer structuur, dus dan zou ik voor de manier van spelen van dames 1 gaan.

Welk team wordt het volgend jaar: EZC 1 of EZC 2?

Dat is een lastige vraag. Natuurlijk zou dames 1 supergaaf zijn, alleen weet ik niet of ik dat aankan. Het spel en de tegenstanders zijn in de eerste klasse bond (de competitie waar we nu naartoe gaan) behoorlijk anders. Het spel gaat een stuk sneller en de tegenstanders zijn over het algemeen een stuk fysieker. Dit is iets waar we als team aan moeten gaan werken en wennen, dus wie weet lukt het me toch om mee te komen.

EZC 1 is inmiddels kampioen! Wat maakt dit team een echt kampioensteam?

Het teamgevoel. Het team is dit seizoen echt een team geworden en dat was ook te merken tijdens de wedstrijden. We waren (en zijn) bereid om voor elkaar te vechten en niemand werd afgekeurd op ‘fouten’. Natuurlijk was de sfeer niet altijd super (gelukkig bijna altijd wel), maar dan hadden we onze coach Erik nog die de goede sfeer zo snel mogelijk terug wilde hebben.

Door het kampioenschap, en het afzien van het spelen van de nacompetitie van De Vennen, promoveren jullie naar de 1eklasse. Wat wordt het doel? Handhaving?

Voor bijna iedereen wordt dit de eerste keer in de eerste klasse bond. Het is dus afwachten hoe het gaat bevallen. We gaan natuurlijk voor het hoogst haalbare als team, maar wat dit precies is, moeten we nog achter komen.

Hoe gaan jullie je hierop voorbereiden?

We hebben na de laatste competitiewedstrijd redelijk wat oefenwedstrijden gehad tegen clubs die veel weerstand bieden. Zo hebben we tegen OZ&PC gespeeld, een team uit de eerste klasse bond en tegen Schuurman BZC en Losser, beide teams waar we in de competitie ook tegen gespeeld hebben. Van alle drie de clubs weten we dat ze fysiek spelen en dat is iets waar het team moet leren mee te gaan. Tot de zomerstop gaan we nog lekker door met trainen. In de zomervakantie doet een gedeelte van de dames nog mee aan de Titan Swim: een route van 1,5km door het water met verschillende obstakels. Een goede conditietest.

 Is er één bepaalde wedstrijd die voor jou speciale herinneringen oproept?

Er is eigenlijk een drietal wedstrijden dat speciale herinneringen oproept, alle drie kampioenswedstrijden. De eerste van de drie is nog niet zo lang geleden: de definitieve kampioenswedstrijd van dames 1. We wisten voor de wedstrijd al dat we kampioen zouden zijn, ongeacht de uitslag. We hebben er met het team en de supporters nog een keer een feestje van gemaakt.

De tweede is de kampioenswedstrijd met dames 4 (2015-2016). Dit was het eerste seizoen dat ik met mijn zus in hetzelfde team zat, dus om dat seizoen kampioen te worden en het samen te kunnen delen, was erg bijzonder.

De laatste is ook het langst geleden. 2 juni 2013. Toen ben ik met het o.13 team Nederlands kampioen geworden. We moesten in de finale tegen het Ravijn, een tegenstander waarvan we in de competitie twee keer hadden verloren. Toch is het ons gelukt om met 8-5 te winnen en zo het kampioenschap binnen te halen.

Hoe ziet een trainingsweek en wedstrijddag er voor jou uit?

Elke maandag- en donderdagavond lig ik samen met de selectie in het water. Op de donderdagavond en de zaterdagochtend geef ik training aan een jeugdteam.

Aangezien ik rekening moet houden met drie competities ziet mijn weekend er elke keer weer anders uit. Het ene weekend spelen alle drie de teams op dezelfde dag en het andere weekend is het weer verdeeld over twee dagen. Erg afwisselend dus. Aangezien ook de tijden van de wedstrijden ieder weekend verschillen, zit er eigenlijk niks van regelmaat in.

Wat wil je met je huidige club bereiken en is dit realistisch?

Pfoe, dit is ook weer een lastige vraag. Op dit moment zou ik met dames 1 graag in de eerste klasse bond blijven, iets wat in mijn ogen best realistisch is. Met dames 2 zou ik graag wat hoger in de ranglijst willen eindigen. We zijn dit seizoen onder middenmoot geëindigd, terwijl we best beter kunnen. Met wat meer structuur (en een vaste trainer/coach aan de kant) moet dit zeker haalbaar zijn.

Wat voor een tip zou je een beginnend waterpoloër geven om hetzelfde te bereiken wat jij nu hebt bereikt en nog gaat bereiken?

Wat voor mij belangrijk is, is dat ik me niet op voorhand laat ‘intimideren’ door de tegenstander. Dat is dan ook de tip die ik zou geven. Een tegenstander mag dan misschien wel een kop groter zijn en een keer zo breed, maar dat zegt niks over het spel.

Wat vind je van deze rubriek op SportinTwente.nl?

Ik vind het een leuke rubriek! Op deze manier kunnen mensen een beter beeld krijgen van een sport/sporter. Erg leuk!

Actie foto’s van ZC Losser tegen EZC 1 en 2.

Over